Jezus’ uitingen van emoties

Veel mensen vinden het moeilijk om emoties te laten zien en ze te uiten. “Dat doe je niet, dat hoort niet” wordt er gezegd. Een andere reden om niet je emoties te laten zien is, als je dat wel doet, je dan je kwetsbaarheid toont. Echter, mens ben je in al je kwetsbaarheid. En je bent ten volle mens als je die kwetsbaarheid onderkent en je gevoelens en emoties er laat zijn.
Ik zie Jezus zijn emoties in alle vrijheid uiten. Zijn kracht zit in de openheid van Zijn kwetsbaarheid. Hieronder staat een greep uit wat er in het nieuwe Testament daarover te vinden is.

Blijdschap / juichen

  • “Op dat moment begon hij vervuld van de heilige Geest te juichen en zei: ‘Ik loof u, Vader, Heer van hemel en aarde.” (Luc 10:21)

Enorme boosheid

  • “Hij keek hen boos aan, maar ook diepbedroefd vanwege hun hardleersheid, …” (Marc.3:5)
  • “Toen Jezus dat zag, wond hij zich erover op en zei tegen hen: ‘Laat de kinderen bij me komen, houd ze niet tegen, want het koninkrijk van God behoort toe aan wie is zoals zij.” (Marc.10:14)
  • “Toen Jezus haar dan zag wenen en ook de Joden, die met haar medegekomen waren, zag wenen, werd Hij verbolgen in de geest en diep ontroerd…” (Joh. 11:33 NBG).
  • “Kort voor Pesach, het Joodse paasfeest, reisde Jezus naar Jeruzalem. Daar trof hij op het tempelplein de handelaars in runderen, schapen en duiven aan, en de geldwisselaars die daar altijd zaten. Hij maakte een zweep van touw en joeg ze allemaal de tempel uit, met hun schapen en runderen. Hij smeet het geld van de wisselaars op de grond, gooide hun tafels omver en riep tegen de duivenverkopers: ‘Weg ermee! Jullie maken een markt van het huis van mijn Vader!’” (Joh. 2:13-16)
  • “Toen de leerlingen Jakobus en Johannes merkten dat Jezus niet welkom was, vroegen ze: ‘Heer, wilt u dat wij vuur uit de hemel afroepen dat hen zal verteren?’ Maar hij draaide zich naar hen om en wees hen streng terecht.” (Luc. 9:55)

Verbazing/verwondering

  • “Ze kwamen in Kafarnaüm. Toen ze in huis waren, vroeg hij hun: ‘Waarover waren jullie onderweg aan het redetwisten?’” (Mar9:33)
  • “Toen ​Jezus​ dit hoorde, verbaasde hij zich en hij zei”  (Ma 8:10)
  • “Hij zei tegen hen: ‘Waarom hebben jullie zo weinig moed? Geloven jullie nog steeds niet?” (Mar.4:40)
  • “Toen antwoordde Jezus en zeide tot haar: O, vrouw, groot is uw geloof…“ (Mat.15:28 NBG).

Diep medelijden

  • “En toen Jezus uit het schip ging, zag Hij een grote menigte, en Hij was innerlijk met ontferming bewogen over hen en genas hun zieken” (Mat. 14:14 HSV)
  • “En Jezus riep Zijn discipelen bij Zich en zei: Ik ben innerlijk met ontferming bewogen over de menigte” (Mat. 15:32 HSV)
  • “Ik heb medelijden met al die mensen…”  (Marc. 8:2)
  • “Toen de Heer haar zag, werd hij door medelijden bewogen en zei tegen haar: ‘Weeklaag niet meer.” (Luc.7:13)

Verdriet

  • “Toen Jezus haar dan zag wenen en ook de Joden, die met haar medegekomen waren, zag wenen, werd Hij verbolgen in de geest en diep ontroerd…” (Joh.11:33 NBG)
  • “Jezus begon ook te huilen…” (Joh.11:35)
  • “Nadat hij dit gezegd had werd Jezus diepbedroefd…”  (Joh. 13:21)
  • “Hij keek hen boos aan, maar ook diepbedroefd vanwege hun hardleersheid…”  (Mar.3:5)
  • “…en Jezus zei tegen hen: ‘Ik voel me dodelijk bedroefd; blijf hier waken.’” (Mar.14:34)
  • “Toen hij Jeruzalem voor zich zag liggen, begon hij te huilen over het lot van de stad.“ (Luc. 19:41)
  • “Christus heeft tijdens zijn leven op aarde onder tranen en met luide stem gesmeekt en gebeden…”  (Hebr. 5:7)

Ergenis

  • “Ook dit ergerde Jezus. Hij liep naar het graf, een spelonk met een steen voor de opening.”  (Joh. 11:38)

Angst

  • “Hij nam Petrus, Jakobus en Johannes met zich mee. Hij voelde zich onrustig en angstig worden”  (Marc. 14:33)
  • “Nadat hij dit gezegd had werd Jezus diepbedroefd [1], en hij verklaarde: ‘Waarachtig, ik verzeker jullie: een van jullie zal mij verraden.”  (Joh.13:21)
  • “Nu ben ik doodsbang. Wat moet ik zeggen? Vader, laat dit ogenblik aan mij voorbijgaan? Maar hiervoor ben ik juist gekomen.” (Joh.12:27)

Afschuw – walging

  • “Addergebroed! Hoe kunt u iets goeds zeggen terwijl u zelf slecht bent? Waar het hart vol van is, daar loopt de mond van over” (Mat.12:34)

Het uitschreeuwen van wanhoop

  • “Aan het einde daarvan, in het negende uur, gaf Jezus een schreeuw en riep luid: ‘Eli, Eli, lema sabachtani?’” (Mat.27:46)
  • “Nog eens schreeuwde Jezus het uit, toen gaf hij de geest.” (Mat.27:50)

Wanhoop, moedeloosheid

  • “En Hij, diep zuchtend in zijn geest, zeide:…” (Marc. 8:12)
  • “Christus​ heeft tijdens zijn leven op aarde onder tranen en met luide stem gesmeekt en ​gebeden​ tot hem die hem kon redden van de dood” (Hebr. 5:7)

Heftig verlangen

  • “Hij zei tegen hen: ‘Ik heb er hevig naar verlangd dit pesachmaal met jullie te eten voor de tijd van mijn lijden aanbreekt” (Luc. 22:15)

Frustratie

  • “Hij zei tegen hen: ‘Wat zijn jullie toch een ongelovig volk, hoe lang moet ik nog bij jullie blijven? Hoe lang moet ik jullie verdragen?” (Marc. 9:19)

Liefde

  • “En Jezus keek hem aan en had hem lief” (Marc. 10:21 HSV)
  • “Jezus hield veel van Marta en haar zuster, en van Lazarus.” (Joh. 11:5)
  • “Hij had de mensen die hem in de wereld toebehoorden lief, en zijn liefde voor hen zou tot het uiterste gaan.” (Joh. 13:1)
  • “Een van hen, de leerling​ van wie Jezus​ veel hield, lag naast hem aan tafel” (Joh. 13:23)

[1] in de grondtekst staat dat Jezus erg bang werd, paniekerig, verontrust, in verwarring (zie ook de Naardense Vertaling)

Een hart vol gemengde emoties