Slachtoffer zijn of blijven?

Wat kies jij?

Een vrouw die al twaalf jaar aan bloedverlies leed – en door niemand genezen had kunnen worden, al had ze haar hele kapitaal aan artsen uitgegeven – naderde hem van achteren en raakte de ​zoom​ van zijn ​bovenkleed​ aan; meteen hield de ​bloedvloeiing​ op. (Luc. 8: 43-44)

Iedereen heeft in het leven te maken met gemis, verlies, schade, tekort. Dat overkomt ons meer dan eens. Vaak gebeurt dat zonder dat we er invloed op hebben. We leven in een gebroken en onvolkomen wereld.

Iemand heeft eens gezegd: Slachtoffer kan iedereen worden. Slachtoffer blijven is een keuze. Een stellige uitspraak maar ten diepste klopt het wel. Dingen kunnen je gebeuren, daar heb je niet altijd invloed op. Maar wat doe je ermee, hoe ga je ermee om? Het verleden kan je niet veranderen, het heden wel. Daar heb je invloed op want we hebben altijd mogelijkheden om te kiezen. Een bijzonder voorbeeld is Edith Eger. Als Joods-Hongaars tienermeisje heeft ze geleden onder de verschrikkingen in concentratiekamp Auschwitz. Ze verloor daarbij haar hele familie. Maar niet haar zelfrespect. In haar boek ‘De keuze, leven in vrijheid’ beschrijft ze hoe ze het kamp heeft overleefd en hoe ze daarna haar leven heeft opgebouwd.

Bron foto: klik op de foto

Een ander inspirerend voorbeeld is Nick Vujicic. Hij is geboren zonder armen en zonder benen. In veel dingen is hij afhankelijk van de hulp van anderen. Maar hij laat zich niet beperken door zijn te korten of ‘onmogelijkheden’ die hij heeft ten opzichte van mensen met armen en benen. Hij benut ongekende mogelijkheden. Zijn innerlijke veerkracht is bijzonder. Bekijk dit indrukwekkende en ontroerende filmpje eens: klik hier.

Maar lang niet iedereen is een Edith Eger of een Nick Vujicic. We kennen allemaal wel iemand die snel in de ‘slachtofferrol’ schiet. Dat woord is niet bepaald een compliment. ‘In de slachtofferrol zitten’ heeft een negatieve lading. Het zijn vaak mensen die de verantwoordelijkheid en de oplossing voor hun problemen meestal buiten zichzelf leggen. Ze wijzen met de vinger naar anderen en verwachten dat deze hun problemen gaan oplossen. Mensen in de slachtofferrol zijn vaak passief, afwachtend, klagerig. Ze maken zelf geen keuzes en willen dat anderen zich voor hen inspannen om hun leed te verzachten. Dat patroon is zo ingesleten dat ze het zich lang niet altijd bewust zijn.

Ze roepen bij mij de nodige jeuk op. Dat zegt natuurlijk ook veel over mij. Ik ben iemand die in de regel de mouwen opstroopt. Als je een probleem hebt, doe er dan wat aan. En als je er niets aan kan doen, ga dan actief aan de slag om je tekort te aanvaarden. Al klinkt dit erg kort door de bocht, ik zal er zeker niet te lichtzinnig over denken. Het kan soms een zwaar, lang en moeizaam proces zijn. Maar blijf niet klagend zitten wachten tot een ander voor jou in actie komt. “Klagen is een bezigheid die zichzelf in stand houdt en contraproductief werkt.”[1]

Als Jezus mensen geneest dan raakt Hij daarbij vaak mensen aan. Hij reikt hen de hand, legt hen de handen op, maakt van zand en speeksel een papje en legt dat op de ogen van een blinde, steekt vingers in de oren, raakt mensen de tong aan, enzovoort. Maar genezingen vinden niet alleen plaats omdat Jezus mensen aanraakt. Ook worden mensen genezen omdat zij Jezus vragen om Hem te mogen aanraken (Mat. 14:36). Er is een bewuste wederzijdse interactie tussen Jezus en de mensen.

Slachtoffer zijn of slachtoffer blijven, wat kies jij?
Ze is al eerder genoemd op deze site, de vrouw die aan bloedvloeiingen leed. [2] Hoe meer ik bij haar verhaal stilsta, hoe meer ik van haar leer en hoe meer bewondering ik voor haar krijg. Ze is een vrouw die onbeschrijflijk veel leed had te verdragen. Twaalf jaar lang de lichamelijke problemen en alle ongemakken ten gevolge van de vloeiingen. Twaalf jaar lang geen lijfelijke affectiviteit kunnen ontvangen. Twaalf jaar lang niet in de synagoge mogen komen. Twaalf jaar lang buitengesloten zijn van het sociale leven! Twaalf jaar lang heeft ze alles wat ze had, haar hele kapitaal, gegeven aan heelmeesters. Het resultaat is dat ze niets meer overheeft; behalve haar klachten dan. Wat een immense worsteling voor haar.

Ik probeer me in te leven in haar situatie van dat moment, in de straten van Kapernaüm. Ze loopt daar en ziet Jezus, met om Hem heen een hele horde mensen. Het is een drukte, een chaos. Zou ze getwijfeld hebben? Zou ze gedacht hebben: “Nu of nooit!”, wetende dat wat ze ten diepste wilde doen volgens de regels en opvattingen van die tijd écht niet kon? Een vrouw die een man aanraakt, zonder toestemming, ongezien, stiekem, van achteren? En dat ze hiermee, met haar onreinheid een hele hoop andere mensen onrein zou maken, omdat ze zich eerst door een grote en opdringerige menigte rondom Jezus heen moest zien te wurmen? En stel voor dat ze alle moed bij elkaar geraapt heeft om de sprong te wagen, dan komt daar ineens Jaïrus[3] aan gesprint. Een hele belangrijke man, een leidinggevende van de synagoge. Jaïrus die wanhopig voor Jezus op de grond gaat liggen om Hem luidkeels te smeken het leven van zijn dochtertje te redden! Vervolgens loopt Jezus ook nog van haar weg, richting het huis van Jaïrus!

Ik vind het zo diep bewonderenswaardig dat deze vrouw toch doorzet. Niets en niemand kan haar weerhouden. Ook al loopt Jezus van haar weg, ze geeft niet op. Zelfs de uitgeschreeuwde smeekbede van een hooggeplaatste man ‘van naam’ die ook met zijn voornaam hier genoemd wordt, weerhoudt deze sociaal uitgerangeerde, naamloze en zwijgende vrouw niet. Ze dóet het. En ze doet iets waar eveneens haar grootste ‘honger’ zit: een aanraking! Dat brengt haar letterlijk aan de voeten van Jezus.

Zij raakt Jezus’ kleed aan, ongezien, ongevraagd, in stilte. Maar niet onopgemerkt! We hebben een God die zich laat aanraken op onze stille smekingen, ook al kunnen we het idee hebben dat Hij het niet door heeft. Onze onvervulde of onbeantwoorde gebeden liggen echt in Zijn kostbare handen.
De vrouw wordt op deze aanraking gezegend, en hoe!

Ik leer van haar dat ik door mag blijven zetten, hoe uitzichtloos de situatie misschien ook lijkt. Als andere mensen me niet kunnen helpen, dan hoef ik niet op te geven maar mag ik mijn blik op Jezus houden. Dwars door alles en iedereen heen.

Ik leer dat, ook al lijkt het dat God wegloopt, Hij toch beschikbaar is en blijft.

Ik leer dat ik mijn probleem niet hoef te wegen ten opzichte van problemen van anderen of van  problemen die er zijn op de wereldschaal. Wat nou als die vrouw gedacht heeft: “Een kind dat op sterven ligt, dat is toch vele malen erger dan mijn vloeiingen? Laat Jezus dáár maar naar toe gaan, dat is veel belangrijker.” Hoeveel mensen denken dat hun situatie niet te vergelijken is met het overige leed in deze wereld en dat ze daarom hun problemen en zorgen maar lijdzaam ondergaan? Honger, oorlogen, sterfgevallen; ja, dat is hartverscheurend erg en daar lijdt God intens aan. Maar dat maakt mijn probleem voor Hem niet minder belangrijk. Durf ik met alle onreinheid van mijn denken en mijn doen naar Hem toe te gaan, dwars door alles heen? God is aanraakbaar en gevoelig; ook voor mijn problemen. Daar staat Hij evengoed voor/bij stil. Al staan naar mijn idee (dat wil zeggen: naar mijn oordeel) al mijn moeilijkheden in de schaduw van de vele andere zorgen en noden die er zijn bij andere mensen. 

Het opent mij weer opnieuw de ogen. Wie zijn er in mijn omgeving, net als de naamloze vrouw, buitengesloten van het dagelijks leven? Wie is de naamloze, zwijgende, onzichtbare, verstotene, onreine? Wie is degene die hunkert naar een aanraking? Een lijfelijke aanraking? Een aanraking van het hart? Heb ik ‘ogen in mijn achterhoofd’?

We bidden het en zingen het: “O Jezus raak mij aan” (Opw. 125).
En wat doet deze vrouw: “O Jezus, ik raak U aan!”

Wat een geweldige vrouw…

Wat een geweldige God!


[1] Henri Nouwen, Eindelijk thuis, pag. 85 (de eerste zin van een hele boeiende alinea)

[2] Zie ook op deze site: Als Jezus geraakt wordt
Zie ook op deze site: Drievoudige zegen bij een ziekte

[3] Hoe bijzonder. De naam Jaïrus betekent: ‘de Heer verlicht’, ‘die hij opwekt’ of ‘die hij in beweging brengt’